Word Lid
menu
Word Lid

Home / Nieuws / Geef burgemeesters wetgevend kader over padelsport

Geef burgemeesters wetgevend kader over padelsport
Lokaal @ Vlaams Belang

De almaar populairder wordende padelsport draagt bij tot fysiek en sociaal welzijn, maar helaas geeft de sport ook meer en meer aanleiding tot juridische strijd wegens geluidsoverlast. “Dit baart me zorgen, want deze mooie nieuwe sport moet beoefend kunnen worden in harmonie met de buurtbewoners”, zegt Vlaams Parlementslid en fervent padelspeler Sam van Rooy. “Het ontbreekt burgemeesters helaas aan de nodige instructies vanwege de Vlaamse overheid over het omgaan met bestaande en nieuwe padelvelden.”

“Bij padel ligt het geluidsniveau een pak hoger dan bij tennis”, merkt Van Rooy op. “Voeg daaraan toe dat deze mooie sport vooral tijdens weekavonden wordt beoefend en het mag niet verbazen dat her en der in Vlaanderen de belangen van padelclubs en -spelers enerzijds en buurtbewoners anderzijds conflicteren.”

Onder meer in Brugge kwam het ondertussen al tot rechtszaken. “Daar besliste een kortgedingrechter dat er niet meer mag worden gepadeld op weekavonden na 18 uur, op zaterdag na 16 uur en op zondag de hele dag. Een uitspraak die mogelijk een precedent vormt voor vele andere dossiers”, aldus Van Rooy. “Padel is een relatief nieuwe sport die niet onder de VLAREM-wetgeving (Vlaams reglement betreffende de milieuvergunning) valt en het is op het vlak van vergunningsplicht erg eenvoudig een tennisterrein om te vormen tot een padelterrein. In Brugge stelde de bevoegde schepen in een reactie niet te snappen waarom de minister niet ‘proactiever’ was om wetgeving uit te vaardigen hieromtrent.”

“Ik ondervroeg Vlaams minister van Justitie en Handhaving Zuhal Demir (N-VA) hierover en mocht van haar vernemen dat ze, net zoals de VVSG, voor de padelsport geen Vlaams wetgevend kader nodig acht”, stelt Van Rooy. “Ik draag de padelsport een zeer warm hart toe en maak me dus zorgen over de juridische strijd die nu her en der in Vlaanderen opduikt. Dat lokale besturen voldoende ‘tools’ zouden hebben om ervoor te zorgen dat padelclubs en buurtbewoners in harmonie met elkaar leven, klopt allicht, maar kennelijk is het toch dringend nodig dat burgemeesters hierover door de Vlaamse overheid expliciet worden geïnstrueerd met de nodige richtlijnen. Goede afspraken maken immers goede vrienden en het zou voor de padelspelers, de padelclubs en de omwonenden veel beter zijn dat juridische geschillen worden voorkomen.”

Van Rooy geeft tot slot nog mee dat hij nauwgezet zal opvolgen of de ‘code van goede praktijk’, waar Tennis Vlaanderen en de Vlaamse regering volgens minister Demir aan zijn beginnen werken, soelaas kan en zal bieden.